Drs. Johan Arendt Happolati
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
Beginselverklaring:
 Eindelijk schrijf ik je weer, omdat er grote dingen staan te gebeuren en wel door toedoen van mijnheer Van Schoonbeke. (Openingszin uit de roman 'Kaas' van Willem Elsschot, 1933)
 
stijlvol
met liefde voor de taal
grappig
voor elck wat wils
plagen mag, judassen niet
 geen gedonderjaag met andermans lief
QUALITY PRODUCT
 
MADE IN
BRUGGE
FLANDERS
 

Medebloggers:
 
(NL) Aargh
(S)   Baasbraal
(NL) Babbel
(NL) Dawolf
(NL) Djust
(NL) Eefs log
(NL) Fredzijn U 19.02.09
(NL) Givamo
(B)   Ils
(B)   Irimi
(B)   Ivo Victoria
(NL) Jenni 
(B)   Junegirl
(NL) Margot
(NL) Miss Punt 
(NL) Muisgrijs U 04.01.08
(NL) Soyrosa
(B)   Tante Annie
(NL) T!EN
(B)   Weegbreker
(B)   Wizzewasjes
 
 
Over ons Nederlands:
 
 
(*)       Aanraders
  Nú lezen! Allen daarheen!
  (Nieuw, dus...)

ALEKTOROFOBIE
 
 
Medebloggers,
 
Als wij van iemand denken dat hij het niet lang meer trekt, dan zeggen wij: "Hij is een vogel voor de kat." Wij nemen zonder meer aan dat katten altijd en overal vogeltjes aanvallen. Zelfs als kwestige katten geen honger hebben, dus. Wellicht doden zij dan ter voorbereiding op barre tijden, ter latere nuttiging als het ware. Rondstruinend in de Aldi zei mijn moedertje zaliger trouwens ook altoos: "Ik neem nog een extra diepvrieskip mede, want voor je het weet is het oorlog en zit je zo weer zonder." Zukke dingen.
 
Om te bewijzen dat sommige wetten in de natuur niet altijd gelden, post ik hieronder een filmpje waarin een parkiet een poes probeert te wekken. U leest voorgaande zin op dit eigenste ogenblik waarschijnlijk nog eens een keertje, want - HALLO?!? - een parkiet die een poes probeert te wekken?!? Ja, dus.
 
En nu we het toch over vogels hebben: wat in godesnaam is alektorofobie?!? Let op: als u het woord enkele keren na elkaar uitspreekt, lukt dat uitspreken steeds beter. ALEK-TORO-FOBIE. Maar u kunt het natuurlijk wel tien keer na elkaar uitspreken en nog niet weten wat het eigenlijk betekent. En daarom zeg ik u maar meteen dat alektorofobie een synoniem is van ... fladderangst. Ja, nu zijn we dus nog altijd even ver, want wat in godesnaam betekent 'fladderangst'? Kom, ik zal u uit uw lijden verlossen: fladderangst is de schijnbaar onverklaarbare angst voor kippen en bij uitbreiding voor vogels in het algemeen.
 
Lieve mensen, het bestaat écht; mensen die schrik hebben voor vogeltjes en dan vooral als die wild gaan zitten slaan met hun vleugels (= fladderen). Ik heb mij enkele dagen in het probleem verdiept en volgens mij zijn er twee verklaringen voor deze vreemde aandoening van het menselijk brein.
 
(1) De patiënt heeft in het verleden - in zijn kindertijd - een nare ontmoeting gehad met een kip dan wel met een andere vertegenwoordiger van onze gevederde vrienden (meeuw?). Onze patiënt heeft namelijk een venijnige beet - in dit geval mogen we van een PIK of KNIP gewagen - gekregen toen hij kwestige vogel een graantje probeerde te voederen. Een levenslang trauma was het spijtige gevolg.
 
(2) De patiënt is bij deze denkpiste geen patiënt, maar wel een erg intelligente vertegenwoordiger van de soort die in de loop der eeuwen onze planeet is gaan domineren. U moet weten dat de vogels die wij in onze tuin ontwaren eigenlijk afstammelingen zijn van de dinosauriërs:

Aha! Ik moet er waarschijnlijk wel geen tekeningetje bij maken om u diets te maken dat dinosauriërs en mensen in die tijd niet bepaald vriendjes waren. Telkens als zo'n dino een mens ontwaarde, deed ie namelijk 'GROMGROM' en vervolgens 'HAPHAP'. Onze fladderangstpatiënt denkt dat die informatie die in de genen van zijn voorouders was opgeslagen en werd doorgegeven nog altijd up-to-date is en doet er zijn voordeel mede. Een beetje belachelijk misschien, maar het geeft wel te denken over de bijwijlen geniale werking van onze hersenen. Die mensen die lijden aan fladderangst, die zijn de domsten nog niet. Misschien is het wel een goed idee om het uitspansel nauwlettend in de gaten te houden met het oog op overvliegende en hongerige pterodactyloidea. Misschien hebben zij in hun genen nog wel andere mechanismen opgeslagen waarmede zij hun voordeel doen. Mijn poes bijvoorbeeld, de genaamde Tijger, die rent altijd keihard de andere richting uit als zij een auto ziet aankomen. Volgens mij zal onze poes lang leven. Of past dit voorbeeld niet in het verhaal? Nee, ik geef het u allemaal maar ter overweging mede.
 
En om u helemaal in verwarring te brengen:
 
{youtube}eZRVJY7kGrk&feature=player_embedded{youtube}
 
Update - 14.07 u.
Een van mijn reageerders, de genaamde ZAO, maakte er mij opmerkzaam op dat ik een vreselijke fout (fatal error) in mijn artikeltje heb gemaakt.
- alektorofobie is de angst voor kippen, enkel en allenig voor kippen
- ornithofobie is de angst voor vogels in het algemeen
Zoals hij schreef: just is just.
Lees meer...   (15 reacties)
 
VERSCHIETACHTIG
 
(pagina 2725)
 
 
Medebloggers,
 
In het jaar onzes Heeren 1961 begaf uw dienaar - korte broek en boekentasje - zich naar het eerste leerjaar van de Gemeentelijke Basisschool te Sint-Michiels-Brugge, om aldaar te worden ingewijd in de geheimen van de grote mensen: aardrijkskunde en geschiedenis en muziek en rekenen en godsdienst en wat had je allemaal nog meer? Taal. Ja taal! Dat had je ook.
 
Die taal van ons, Medebloggers, daar hebben wij Vlamingen al heel onze geschiedenis miserie mede. Godsgruwelijk veel beroerdigheid. Wij spreken hier in Vlaanderen wel een soortement Nederlands, maar doordat wij een gedwongen huwelijk (shotgun wedding) met Franstalige mensen aan onze broek gesmeerd kregen, hadden wij moeite om ons met dat Nederlands in ons eigen land te handhaven en staande te houden. Bovendien verschilde het Nederlands in West-Vlaanderen van dat van Oost-Vlaanderen en dat van Brussel verschilde dan weer van dat van Antwerpen. En dan hebben we het nog niet eens gehad over het dialect van Limburg, want dat klinkt veel Vlamingen als koeterwaals in de oren. Zo komt een volk niet vooruit in het leven; je moet kunnen communiceren met elkaar, anders ga je naast elkaar en niet met elkaar leven. Bovendien kun je geen vuist maken tegen andere culturen, wat u?
 
Daarom hadden de mensen die het in Vlaanderen in het onderwijs voor het zeggen hadden een geniaal plannetje bedacht: wij zouden allemaal hetzelfde Nederlands gaan spreken: halelujah! het begin van onze ontvoogding.
 
Maar wélk Nederlands zouden wij dan wel met z'n allen gaan spreken? Het Nederlands van de West-Vlamingen, of het Nederlands van de Limburgers? Of dat van de Antwerpenaren? Of moesten wij misschien een melange (compositum) maken van alle deze talen en deze taal dan tot standaardtaal verheffen? Welneen, de oplossing was veel eenvoudiger: wij richtten onze blik op het broedervolk dat benoorden onze landsgrens woonde (en de liefde bedreef) en wij besloten heel eenvoudig hun taal over te nemen. Makkelijk zat.
 
Nou, makkelijk zat ... Daar zat ik dus die memorabele dag - korte broek en boekentasje - in mijn eigenste eerste schoolbankje en ik hoorde hoe de meester ons toesprak in een wonderbaarlijk soort Nederlands dat ik alleen maar een beetje kende van de televisie. Het klonk mij uiteraard wel bekend in de oren - het was tenslotte Nederlands - maar veel dingen die ik van moeder had geleerd, mocht ik plots niet meer benuttigen.
 
'Tefrente', bijvoorbeeld. In de zin van 'veel'. Klemtoon op de tweede lettergreep. En een beetje zoals je 'de lente' zoude uitspreken. Tefrente vogels: veel vogels. Of tefrente velo's. Maar velo's mochten wij ook niet meer gebruiken, want dat waren vanaf nu fietsen. Met dat 'tefrente' moest je trouwens oppassen - dat had ons moedertje ons op een of andere manier laten aanvoelen - tefrente mocht je niet gebruiken wanneer het om een massa ging. Je kon bijvoorbeeld niet gaan zeggen dat de zee 'tefrente water' bevatte, in de zin van veel water, nee, dat was onzin. Tefrente paste alleen bij afzonderlijk entiteiten; boeken of potloden of desnoods ratten, maar in elk geval bij dingen die je als het ware nog kon tellen. Water kun je niet tellen, vandaar veel water, maar niet tefrente water. Ja, ja, dat West-Vlaams, Medebloggers, dat is nog zo simpel niet, neemt u dat maar van mij aan.
 
Verschieten. Nog zoiets. Verschieten in de zin van schrikken, was hartstikke fout. Je schrok, je verschoot niet! Verschieten, dat was volgens de Nederlanders 'van kleur veranderen'. Nou, toen moest ik toch wel even lachen toen de meester zei dat bijvoorbeeld onderbroeken die in de zon te drogen hingen 'verschoten'. Hahaha! Onderbroeken die konden verschieten! Ja, die school, dat werd een leuke bedoening, dat was een feit dat zeker was.
 
Na schooltijd speelden wij met de marbels. Mocht niet meer. Marbels was gewesttaal. Je hoorde met de knikkers te spelen. Knikkers ... knikkers ... ik had helemaal geen knikkers! Ik had marbels. En ik had er 'tefrente'! En wij knikkerden niet, neen, wij konden niet knikkeren, wij 'stekten' of 'schoten'.
 
Als u vindt dat dit stukje zo langzamerhand tenen krullend lang begint te worden, Medebloggertjes, dan mag u wat mij betreft heel dat gedeelte hierboven eigenlijk maar meteen vergeten. (JA, HAPPOLATI, EN DAT ZEGT U NÚ!!!) Waar het om gaat is het volgende. In de loop der decennia zijn inderdaad heel wat dialectwoorden uit Vlaanderen verdwenen en verdampt, maar er zijn er ook enkele hardnekkig blijven plakken. Niet weg te branden! Met geen stokken uit ons taalgebruik te ranselen. En hoe dikwijls de meester ook zei dat we niet mochten verschieten, wij verschoten toch. En hoe dikwijls men op de televisie ook herhaalde dat 'Wij solderen' tijdens de koopjesperiodes op de etalages moest vervangen worden door 'KOOPJES', wij bleven solderen. En nu nog; na al die jaren.
 
Wij moeten misschien durven toegeven dat bepaalde woorden die in heel Vlaanderen courant worden gebruikt, nu maar eens de status van Algemeen Nederlands Woord moeten krijgen. En laat ons dan maar meteen afspreken dat wij dat denigrerende 'Zuidn.' bij de omschrijving achterwege zullen laten. In het vervolg spreken wij van een ANWVO, een Algemeen Nederlands Woord van Vlaamse Origine.
 
Bovendien - en nu komt het - als we verschieten niet mogen gebruiken, dan mogen we de ... euh ... derivaten van verschieten ook niet meer gebruiken. Verschietachtig, bijvoorbeeld. Ja, verschietachtig. Wat zegt u, Medebloggers? Weet u niet wat verschietachtig is? Kijk, als iets, een situatie zeg maar, het in zich heeft iemand te laten schrikken, dan is dat 'verschietachtig'. Stel, u fietst voorbij een geparkeerde auto en de deur van die auto gaat plots open en u kunt een aanrijding nog net vermijden. Wel, dat is nu verschietachtig. "Wel, Happolati," zult u zeggen "gebruik dan het Algemeen Nederlandse woord." Maar dat is het nu juist, Medebloggers, dat Algemeen Nederlandse woord, dat is er niet! Ik heb het gezocht, maar ik vind het niet. "Schrikbarend", zult u opwerpen, maar schrikbarend, dat is niet hetzelfde als verschietachtig. Een groot beest (een olifant of een beer, ik zeg maar wat) dat uit de zoo of uit het circus is ontsnapt, dát is schrikbarend, maar dat is niet verschietachtig. Ah, neen! Dat beest ziet en hoort u al van twee straten ver aankomen; als het dan plots voor uw neus staat, dan is het niet meer het moment om nog te 'verschieten'.
 
"Schrikverwekkend", zult u zeggen. Ja, maar zo kan ik het ook. We moeten een woordje verzinnen voor iets dat schrik verwekt; oplossing: schrik(ver)wekkend. Flauw, vind ik dat, hoor, reteflauw. En niets komt ook maar in de buurt van wat verschietachtig wil uitdrukken. Neem nu dat fietsen voorbij die plots opengaande deur van die auto ...
 
- afschrikkend (is het niet)
- afschuwelijk (kom, zeg!)
- angstverwekkend (geen tijd om angst te verzamelen)
- griezelig (nee)
- gruwelijk (ook niet)
- huiveringwekkend (welneen)
- ijselijk (overdreven)
- luguber (zeker niet)
- onguur (het weer, maar niet die deur)
- afgrijselijk (goeie hemel, ja, afgrijselijk)
- afschuwelijk (ben je gek?)
- afschuwwekkend (van een deur die opengaat?)
- akelig (bijna)
- angstaanjagend (huh?)
- bloedstollend (close, but no cigar)
- gruwzaam (mooi woord, maar niet van toepassing)
- huiveringwekkend (nee, ik wil dat schrikken erin)
- ijzingwekkend
- verschrikkelijk
- vreselijk
- wreed
- dreigend
- beangstigend
- grimmig
- onheilspellend (niet flauw doen, he, zo erg is het allemaal niet)
- ontstellend
- sinister
- vervaarlijk
- monsterachtig (ja, monsterachtig!)
- vreesaanjagend
- eng
- geducht
 
Dit alles is het niet, het is gewoon 'verschietachtig'.
 
En - u zult het moeten toegeven - zo'n woord met een achtervoegsel (-achtig), dat heeft wel iets. Dat is voor fijnproevers, dat is voor connaisseurs, dat is voor mensen die de taal werkelijk beheersen. Achtervoegsels komen tot ons vanuit de archieven van de geschiedenis van de taal, ondertussen en gaandeweg raadselachtig () geworden, maar wel zeer waardevol voor ingewijden. 'Achtig' is hier trouwens de letterlijke vertaling van het Engels woordje 'like'. ***achtig: iets dat lijkt op, of de belofte inhoudt van. Lenteachtig, zijdeachtig, heideachtig, diefachtig, beestachtig, verschietachtig ...
 
Om een lang verhaal kort te maken: verschietachtig moet in de Dikke Van Dale, wat u? In de uitgave die ik koester, kan het net tussen 'verschiet' en 'verschietbank' (pagina 2725). Maar hoe legt een mens dat aan boord? Hoe krijg je dat versierd? Wie moet ik aanschrijven om dit woeste plan ten uitvoer te brengen? Wie is er eigenlijk de baas van dat boek?
 
In de hoop per kerende een antwoord van u te mogen ontvangen, verblijf ik inmiddels, Medebloggers,
 
Met bijzondere hoogachting,
 
Drs. Johan Arendt Happolati
is of heeft ervan verschoten dat het stukje zo lang geworden is
 
P.S. Dit is dan weer niet verschietachtig:
 
Lees meer...   (31 reacties)
 
Zondag, 6 februari 2011
Sportpaleis Antwerpen
De Federation Cup
België verplettert Amerika met 4 - 1
Lees meer...
 
lesdoelstelling:
Vind de ster Sirius
 
(de helderste ster aan het firmament)
 
 
Medebloggers,
 
U hebt ongetwijfeld al eens gehoord van het sterrenbeeld Orion. Wat zegt u? Niet? Bent u eigenlijk al eens wakker geweest in uw leven?!? In elk geval, het staat hierboven in al zijn glorie afgebeeld. Laat ons afspreken dat het uit zeven sterren bestaat. Twee bovenaan, drie in het midden (lekker knus bij elkaar) en twee onderaan. Er zijn nog wel meer objecten in en om het sterrenbeeld te zien, maar daar moet u zich in ons ook 's nachts verlichte Westen niet te veel van voorstellen. U zult al moeite genoeg hebben om die zeven sterretjes te vinden. Ook in die leuke kleurtjes hierboven hoeft u zich trouwens geen illusies te maken; die zijn met het blote oog niet zo spectaculair. We onthouden hier ook maar meteen dat die drie sterretjes in het midden, die zo mooi op een rijtje staan, de 'gordelsterren' worden genoemd. Aan u om uit te vlooien hoe dat zo gekomen is. Huiswerk, als het ware.
 
Het is nu de bedoeling dat u na de les:
 
- het sterrenbeeld Orion kunt vinden
- de drie voornaamste sterren kunt benoemen
- aan de hand van het sterrenbeeld Orion de ster Sirius kunt vinden
 
Hoe begint een mens aan zoiets? Wel, omdat u het zo lief vraagt... we beginnen met enkele vingeroefeningen. We vertrekken vanuit een bekend sterrenbeeld en we proberen aan de hand van de positie (het stekkie) van dat bekende sterrenbeeld enkele andere sterren of sterrenbeelden te vinden. Waarom doen we dit? Wel, om ons de afstanden eigen te maken, de afstanden die sterren en sterrenbeelden ten opzichte van elkaar aan het firmament kunnen aannemen. U snapt misschien niet wat ik bedoel, maar trekt u zich daar voorlopig maar geen reet van aan; we gaan gewoon aan de slag.
 
We beginnen al meteen met een hachelijke taak, want... ik mag hopen dat u toch tenminste de Grote Beer aan de hemel kunt vinden:
 
 
(Als u de Grote Beer niet kunt vinden,
dan vraagt u maar aan uw papa of hij hem even wil aanwijzen.)
 
En? Gevonden? Oké! Voor we verder gaan, wil ik over die Grote Beer nog iets kwijt. Het tweede sterretje van links heet Mizar. Als u goede ogen hebt, kunt u op een heldere nacht nóg een piepklein sterretje linksboven Mizar bemerken. De indianen gebruikten die truc vroeger trouwens om na te gaan of iemand wel goede doppen had (van het spreekwoord 'goed uit je doppen kijken'). Van die test hing het dan af of men die collega indiaan wel of niet pijl en boog in de handen douwde. Want u denkt misschien wel dat die ouwe knakkers van indianen piepkuikens waren die pas uit het ei gekropen waren, maar die gozers keken toch maar mooi uit wie ze scherpe voorwerpen zouden toevertrouwen. En gelijk hadden ze. Ach man, denk ik dan weer, maak het nou een beetje, laat je ogen toch gewoon nakijken door de oftalmoloog (oogdokter ofte oogheelkundige). Hoe moeilijk kan dat nu zijn, niet?
 
Als u dat piepkleine sterretje boven Mizar niet kunt zien: geen paniek! U bent nog niet afgeschreven en u kunt nog perfect meedraaien in onze maatschappij. Als u het met alle geweld tóch wil zien, moet u de verrekijker (10 x 50) erbij sleuren.
 
Goed. Dat piepkleine sterretje heet dan weer Alcor.
 
 
Mizar zelf is een dubbelster; dat zijn dus twee sterren die vlak bij elkaar staan, maar die zó dicht bij elkaar staan dat u ze niet kunt onderscheiden. Bovendien en tot overmaat van ramp tollen ze ook nog eens om elkaar heen. En (het houdt niet op...) ook Alcor is een dubbelster. In feite bent u dan dus naar 4 (VIER) sterren aan het turen. Mizar hebben we straks nog nodig als referentiepunt voor het vinden van een ander sterrenbeeld.
 
Als we eenmaal de Grote Beer hebben gespot, kunnen we gemakkelijk de Poolster (Polaris) vinden. De Poolster vindt u door de twee rechtse sterretjes van de Grote Beer (in het Engels 'The Plough' of 'The Big Dipper') van onder naar boven met elkaar te verbinden én deze lijn ongeveer 5,5 keer te verlengen.

Het tekeningetje maakt alles duidelijk, maar is een beetje misleidend: de Poolster staat een ietsiepietsie rechts van die denkbeeldige lijn. Meteen zult u tot de vaststelling komen dat de Poolster een zeer kleine ster is, een klein opdondertje onder de sterren, als het ware. Maar wel belangrijk: alle andere sterren draaien eromheen. De uitleg van dit vreemde verschijnsel bespaar ik u, want dan moet ik de het draaien van de aarde om haar as ter sprake brengen en het feit dat Polaris TOEVALLIG in het verlengde van die aardas ligt. Doen we dus niet; is voor de gevorderden.
  
Nu gaan we op zoek naar het sterrenbeeld Casseopeia. Als u een denkbeeldige lijn trekt, beginnende vanaf Mizar (op het plaatje hieronder de tweede ster van rechts) tot aan de Poolster én deze denkbeeldige lijn dan nog eens verlengt, dan snijdt u dwars doorheen Casseopeia. Casseopeia heeft de vorm van de letter M. Er zijn steenezels (foorapen) die met grote stelligheid beweren dat het sterrenbeeld de vorm heeft van de letter W, maar dat is malligheid. Nee, da's onzin. Het is duidelijk een M. Een kind kan het zien.

En nou wordt ie pas echt moeilijk, want nu gaan we heul grote afstanden overbruggen. Hebt u wel eens zo'n natuurschilder aan het werk gezien, Medebloggers? Zo eentje die in bos en park met ezel en schilderspalet aan de slag is? (Djeezus, waar zijn we aan begonnen?!?) Die man probeert met zijn borstel aan het end van zijn uitgestrekte arm verhoudingen te meten, zeg maar. Dat gaan wij nu ook doen. Ga nou in 's hemelsnaam niet op zoek naar een verfborstel, want u kunt ook volstaan met een meetlatje van - pak 'm beet - 30 cm. Bij ontstentenis van een meetlatje in uw woning kunt u ook gewoon een vliegenmepper nemen; maakt niet uit.
 
Let op... Meet eerst de grootte van het sterrenbeeld Grote Beer; gewoon van de ene uiterste ster tot aan de andere kant van het sterrenbeeld. Met uw vliegenmepper. Aan het end van uw gestrekte arm. Onthoud die afstand tussen uw duim en de top van de vliegenmepper.
 
In diezelfde Grote Beer staan eigenlijk vier sterretjes mooi op één rijtje.
 
 
Namelijk (let op, we beginnen links bovenaan): Mizar (heb je 'm weer ), Alioth, Megrez en Merak.
 
Als u die lijn verlengt in de richting van Merak en driemaal de afstand van de grootte van de Grote Beer neemt (van uw duim tot aan het eind van uw vliegenmepper, dus), dan snijdt u dwars doorheen Orion.
 
U kunt ook gewoon hardnekkig dat fameuze lijntje volgen tot u op Orion botst, maar ik verwittig u, het is een hele afstand: let op dat u geen verrekking (KNAK!) oploopt aan de bovenste nekwervels.
 
Orion dus. Als u op het woordje Orion klikt, dan kunt u de namen aan de weet komen van alle sterren die deel uitmaken van de constellatie Orion. Rigel (rechts onderaan) is de helderste ster, Betelgeuze (links bovenaan) is een beetje roder dan uw modale ster en Bellatrix (rechts bovenaan) is de ster met de... euh... mooiste naam. Ik wou eigenlijk dat ik mijn dochter Bellatrix had genoemd. Bellatrix Happolati. Het heeft iets nobels, vind ik. Wat u? Nu ja... een gemiste kans, zullen we maar zeggen.
 
Voor de mensen die niet graag klikken middenin een tekst, pleur ik hier maar meteen nog een plaatje (pic) in m'n artikel. Mét die namen van al die sterren. Ik ben gek op plaatjes, moet u weten...
 

En nu we Orion gevonden hebben... Nou nee. Laat ik er hier verder maar geen woorden meer aan vuil maken. Bekijk het plaatje hierboven en besef dat we aan het einde van de les zijn: Sirius ligt gewoon in het verlengde van de drie gordelsterren van Orion. Sirius is de helderste ster aan het noordelijk firmament. Als u objecten aan de hemel ziet die nóg helderder zijn, dan hebt u te maken met een planeet. Of met de maan, natuurlijk. Als u nu werkelijk het stomste kieken van de hele klas bent, dan wil ik in een volgend logje wel eens uitleggen hoe u de maan kunt vinden, maar ik zie er écht het nut niet van in.
 
Sirius staat op een afstand van 8,58 lichtjaren van de aarde verwijderd en dat is kosmisch gezien eigenlijk gewoon retedicht.
 
Rest mij nog te vermelden
dat het hier zoals gewoonlijk bij de drs.
niet ging om de wetenschappelijke inhoud
van het college,
maar wel om het geoudehoer eromheen.
 
Zonder dank.
 
Drs. Johan Arendt Happolati
ornitholoog op het gebied van de hemelobjecten
Lees meer...   (32 reacties)
HUP! HOLLAND! HUP! (toen nog wel, ja...)
 
Als daar maar geen gele kaart van komt...
 
Zuid-Afrika
De Wereldbeker Voetbal 2010
De Finale
 
 
 
Medebloggers,
 
Ik ben niet zo'n voetbalfan - ten huize Happolati wordt voetbal altijd meteen weggezapt - maar als u een geladen pistool tegen mijn slaap drukt en mij op barse toon toespreekt, dan wil ik er wel iets over zeggen.
 
Eerst en vooral vind ik voetbal maar een raar spelletje: een bal tussen twee paaltjes proberen te schoppen... Ondertussen probeert de tegenstander dat te verhinderen en die bal ook tussen twee paaltjes te stampen, maar dan aan de andere kant van het veld. Dat is het zo'n beetje. Er zijn wel nog meer spelregels, maar daar snap ik niet zoveel van. Zo snap ik bijvoorbeeld meestal nooit wie de overtreding nu juist heeft begaan. Ik zie soms in het heetst van de strijd twee voeten tegen elkaar knallen, zodat pezen en gewrichten wonderlijke posities ten opzichte van elkaar innemen, waarvan je niet eens wist dat het menselijk lichaam dergelijke beproevingen aankon. Ik herhaal: wie is er dan in fout? Misschien is het wel degene die de bal niet in bezit heeft en diezelfde bal probeert af te snoepen van de tegenspeler. Maar wat doe je dan als geen van de twee de bal echt in bezit heeft en zij beiden dus achter die bal aanhollen? Wie van de twee is er dan in fout? Je weet het niet.
 
De scheidsrechter moet dat wél allemaal weten, ondertussen de hele reutemeteut in goede banen leiden, overal tegelijk zijn en alles ook gezien hebben. Ik herinner mij die scène waarin die Hollander (hoe heet die man ook alweer?) voor doel komt, als het ware langs achter 'omarmd' wordt door die Spanjaard (wie was het? sla me dood!) en dus hartstikke gehinderd wordt in zijn aanval. Die Hollander struikelt maar door in de goede richting en misschien denkt die scheids wel, BALVOORDEEL! Ik laat 'm maar lopen. Nou het hele manoeuvre mislukt dus en plots wordt die Hollander godsgruwelijk pisnijdig, omdat de referee niet heeft gefloten. Jamaar, mijnheer, wat had u gedaan als de ref wél had gefloten? Dan was u misschien retekoleirig geworden juist omdat hij gefloten had en u niet door kon gaan in uw charge... Slaat dit ergens op, Medebloggers, wat ik hier allemaal uit m'n nek klets? Of doe ik er verder maar beter het zwijgen toe?
 
O, en dan ben ik nog vergeten te vermelden dat die Hollander ook nog eens een rooie kaart kreeg omdat ie zo toornig tekeer ging tegen de fluitenier! Hahaha, ik moest lachen! De omgekeerde wereld. Mijn vrouw en echtgenote, die met haar rug naar de verrekijk mijn Star Wars T-shirt stond te strijken, sprak haar verwondering uit over het feit dat ik naar het voetbal zat te kijken. "Doe je nou, Johan Arendt?" zei ze. "En dat terwijl we op een andere zender naar een mooie tranentrekker zouden kunnen kijken." En toen ik een kwartiertje later vroeg of ze even een biertje voor mij uit de koelkast kon pakken, toen voldeed ze wel aarzelend aan mijn verzoek, maar douwde toch voor alle zekerheid en in één moeite door ook maar meteen een thermometer onder m'n tong.
 
Maar waar waren we gebleven? Bij die arme arbiter dus. Nee, dan die niet gefloten corner. De gezagvoerder had dus niet gezien dat die bal tegen die Spaanse rechterarm terechtkwam en vervolgens achter de doellijn verdween. Corner! Heel de televisiekijkende wereld zag het, maar die scheids niet. Zet dan een man achter een televisiescherm die met zo'n oortje in verbinding staat met de baas op het veld, denk ik dan. Hoe moeilijk kan dat nu zijn? "Collega, de bal heeft een Spanjaard geraakt: het is echt wel corner." En de scheids: "Oké, corner." Klaar! Of nog (ook gebeurd): "Collega, de bal is via de doellat teruggestuiterd ACHTER de doellijn: hier is dus wel degelijk sprake van een doelpunt." "Oké, doelpunt." Maar neen, die ouwe knakkers van de FIFA (of hoe heet die hele firma?) willen van geen televisiebeelden weten. Nou, dan niet. Modder dan in de toekomst ook maar verder aan!
 
Ja, en dan krijg je dus van die toestanden van je 'IS HET NOU BUITENSPEL, OF IS HET GEEN BUITENSPEL?!?'
Tussen haakjes en voor de absolute leek:
Een speler staat in buitenspelpositie als deze dichter bij de doellijn van de tegenstander staat dan de bal en de vóórlaatste tegenstander. In buitenspelpositie staan is op zich niet tegen de regels. Het kan pas strafbaar zijn als een medespeler de bal naar deze speler speelt op het moment dat deze speler in buitenspelpositie staat.
Dus die referee naar zijn lijnrechter om samen flink te gaan nadenken over hoe dat nou eigenlijk zat met die regel van hierboven. Leg dan toch in godsnaam het spel stil, bevries ook de televisiebeelden, trek zo'n slim lijntje dwars over het veld waar die laatste speler van de verdedigende ploeg stond en kijk waar die aanvaller stond op het moment waarop de bal vertrok! Niet dus. Nou, dan niet.
 
En nu we het toch over die 'arme scheidsrechter' hebben, wat een tyfuslijertje van een omhooggevallen Brit was me dat, zeg!?! Het leek wel of die man godverdomme zélf wereldkampioen wilde worden. In het uitdelen van gele kaarten, dan wel! Nu goed, de Hollanders gingen er in de eerste minuten flink tegenaan. Een of andere Hollander gaf zelfs met z'n voet een hengst op de borst van een Spanjaard. "OVERTREDING!" gilde ik, want dat zag ik dan weer wél. Goeie hemel, ja! Zoveel ken ik ook wel van voetbal. Maar om het maar weer over de referee te hebben: het spel stilleggen, misbaar maken, spelers bij zich roepen om ze dan een flinke uitbrander te geven, geel kaartje hier, geel kaartje daar, rondrennen als een halve gek en ondertussen maar op die fluit van hem blazen alsof iedereen constant door het rode licht reed. Nee, die man nodig ik niet uit op de koffie. Aansteller!
 
Ik had het mijn Nederlandse buren graag gegund, maar het heeft niet mogen zijn: verloren. En dan nog wel van Spanje, een land dat bevolkt wordt door dierenbeulen, die stieren door de nauwe straten van hun steden jagen om de arme beesten dan des avonds, compleet gestrest, af te maken met van die lange, gemeen snijdende messen. Nee, sorry... Excuseer. Dat had ik niet hoeven zeggen, want dat doet hier niets ter zake. Ik heb dat hierboven niet gezegd. Doet u maar alsof het er niet staat.
 
En wat er na die finale gebeurde, vond ik al helemaal van een deerniswekkende treurnis. Als dát het gevolg moet zijn van zo'n sportmanifestatie, dan vraag ik mij af waarom je als land in het vervolg aan zoiets überhaupt nog zou meedoen. Wat een narigheid, zeg! Die arme Hollanders waren er allemaal het hart van in. En dat terwijl ze nog wel tweede geworden waren, toch geen onverdienstelijke prestatie. Nooit echter, was het verschil tussen winnen of verliezen zo groot, zo pijnlijk. Ik zag niks anders dan wenende mensen, een neerslachtige majesteitelijke prins van koninklijken bloede, een mistroostige voetbalcommentator, kortom, alom leed, verdriet en droefgeestigheid. De ellende droop van het scherm af. Zwaar klote! Jongens en meisjes toch, laat jullie toch niet zo gaan, prevelde ik. Zó vreselijk belangrijk is het toch allemaal niet. Eigenlijk ware het voor voetbalminnend Nederland beter geweest als ze er al meteen in de eerste ronde uitgeknikkerd waren. De korte pijn. Geëuthanaseerd, als het ware.
 
Aan de andere kant waren de Spanjaarden dan weer door het dolle heen; Madrid stond bij hun thuiskomst compleet op stelten. Ik herinner mij zwart-wit beelden van toen Parijs werd bevrijd tijdens W.O. II, kijk, daar kan ik mij nog iets bij voorstellen. Dat je dan compleet uit de bol gaat, bedoel ik. Maar omwille van voetbal?!? Het is toch maar een spelletje? Of zou voetbal dan toch een soortement gesublimeerde vorm van oorlog zijn?
 
Om zo te moeten verliezen, na een wekenlange, gepassioneerde, zenuwslopende uitputtingsslag, nadat Hollands uitverkoren zonen het beste van zichzelf hadden gegeven; om dan te moeten sneuvelen in het zicht van de meet!!! Dát was pas erg en veroorzaakte een permanent en pijnlijk litteken op de ziel van een natie die zo hartstochtelijk graag voetbalt en zo verschrikkelijk graag voetballers aan het werk ziet.
  
En dan denk ik weer, 'Zo! Daar zijn wij als Belgen toch maar mooi aan ontsnapt.'
 
Hebt u vandaag die huldiging van de spelers gezien in Amsterdam? Net doen of je lekker toch gewonnen hebt, 't is een vorm van traumaverwerking, maar wat moet je anders?
  
Drs. Johan Arendt Happolati
aspirant voetbalcommentator
(Jan Mulder eat your hart out!)
Lees meer...   (19 reacties)
Grappige naam: Armadilo Kroonluchter
Lees meer...
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl